29 januari 1922: afspraak in ‘De Gulden Kroon’

‘Tot ons groot spijt moeten wij vooreerst verklaren, dat het niet is mogen gelukken met 1 januari l.l. de werkzaamheden van den VTB aan te vangen.’ Met deze spijtbetuiging opende het voorlopige comité van de VTB haar brief aan haar ‘geachte medeleden’ in januari 1922. De brief veranderde echter snel van toon: het comité deelde immers mee dat ‘onze voorbereidende arbeid nu zoover gevorderd is, dat de stichting van den Bond – en daarmede zijn openbaar optreden – zeer binnenkort mogelijk is geworden.’

Zeven maanden nadat een groep ‘aanpakkers’ was samengekomen in café De Zingende Molens achtte het voorlopige comité het moment aangebroken om over te gaan tot de officiële stichting van de VTB. Op zondagochtend 29 januari, in ‘een der lokalen van het “Café Gorlé”, hoek Sint-Jacobsmarkt en Jezusstraat’, zou de knoop finaal doorgehakt worden. De stichting was echter nog geen voldongen feit, en het comité drong er bij haar stichtende leden op aan de vergadering bij te wonen.

‘ Zou de opkomst of de blijken van instemming beneden
redelijke verwachtingen blijven, dan zal
het Voorlopig Komiteit daaruit de logische gevolgtrekking maken!’

Het comité zag de vergadering immers als het start- of stopsein voor haar toekomstige werkzaamheden: ‘Zou de opkomst of de blijken van instemming beneden redelijke verwachtingen blijven, dan zal het Voorlopig Komiteit daaruit de logische gevolgtrekking maken!’. Ze waarschuwde haar leden dat als er niet genoeg animo zou zijn, ‘de mogelijkheid om tot een VTB te komen wellicht voor vele jaren van de baan’ zou zijn. De sense of urgency was bij het comité dan ook zeer groot: ‘men bedenke dus dat deze vergadering beslissend kan zijn!’.

De nood bleek uiteindelijk hoog genoeg te zijn bij de leden: 29 januari 1922 werd het officiële startschot van het honderdjarige parcours dat de VTB heeft doorlopen. Twee elementen uit de desbetreffende brief die het voorlopige comité aan haar leden stuurde verdienen na honderd jaar echter nog steeds extra aandacht. Ten eerste de locatie. ‘Café Gorlé’ verwijst naar de uitbater van het café op de hoek van de Sint-Jacobsmarkt en de Jezusstraat in Antwerpen. Edward Frans Gorlé, geboren op 28 september 1877, had samen met zijn vrouw Christina Marie Vanlier twee cafés in Antwerpen. ‘In de Toneelwereld’ in de Carnotstraat nr.40, en vanaf 1911 het café waar de VTB zou gesticht worden. De brief maakt melding van ‘Café Gorlé’, maar in Eenige bladzijden over het jong, schoon leven van den Vlaamschen Toeristenbond (1925) geeft VTB-secretaris Frans Luyten de echte naam van het café prijs: ‘een kern belangstellenden […] waren [op 29 januari 1922] opgeroepen bij Edward Gorlé, in “De Gulden Kroon”, hoek Jezusstraat en Sint-Jacobsmarkt.’

Foto van Stan Leurs met zijn dochter in de jaren 1930. Leurs was een van de drie stichters van het voorlopig comité van de VTB. ADVN VQT 11.21

Diezelfde Frans Luyten leidt ons ook tot een tweede opvallende vaststelling in de brief. Het adres van het voorlopige comité op de brief was immers verkeerd. De vestiging van de voorlopige VTB bevond zich in januari 1922 immers niet in de Jan Blockxstraat nr.10, maar in de woonkamer van Frans Luyten op de Oude Steenweg nr.13. Het is ook opvallend dat Frans Luyten, in tegenstelling tot zijn medeondertekenaars Chris de Does en Stan Leurs, als ‘tijdelijke’ secretaris werd voorgesteld. De reden hiervoor is dat een maand eerder de toenmalige secretaris van de VTB, Frits Henderickx, ontslag had genomen, en Luyten tijdelijk de functie had overgenomen (hij zou die ‘tijdelijke’ functie uiteindelijk blijven vervullen tot 1926). Henderickx oordeelde altijd dat Leurs en De Does te hard van stapel liepen, en toen de uitwerking van de plannen na de samenkomst in De Zingende Molens vertraging opliep, verslechterde de relatie tussen het drietal. Henderickx was immers van mening dat ‘omwentelingsplannen die zich opmaken om op een drafje heel Vlaanderen te veroveren, die zich schitterend voordoen, maar elk verband met de werkelijkheid ontberen, lopen naar het fiasco’. Henderickx trok uiteindelijk zijn conclusie nadat de stichting van de VTB opnieuw was uitgesteld, en diende in december 1921 zijn ontslag in.

Honderd jaar later, en met de viering van de officiële stichting in het vooruitzicht, kunnen we stellen dat dit op lange termijn een verkeerde inschatting is geweest: de ‘omwentelingsplannen’ die op ‘een drafje’ Vlaanderen wilden veroveren, bleken uiteindelijk succesvoller te zijn dan Henderickx in die decembermaand voor mogelijk had geacht…

Een deel van de bronnen die werden gebruikt voor dit stuk kun je hieronder raadplegen:

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.